zondag, april 21

Je kunt in België maar beter een kat zijn, dan homoseksueel…

Google+ Pinterest LinkedIn Tumblr +

Marc Hooghe: Hoe tolerant zijn we echt? Hooghe is socioloog aan de KU Leuven.

Een aantal recente tv-uitzendingen brengt het probleem van de gaybashing weer onder de aandacht. Het verwondert me hoe lauw de publieke opinie reageert, en waarom we weigeren de cijfers onder ogen te zien.

De undercoverreportage van het VRT-programma Volt over gaybashing zorgt voor heel wat reacties. De constante stroom van verbale en fysieke agressie in het programma was dan ook behoorlijk intimiderend. De anonieme cijfers over geweld tegenover homo’s en lesbiennes werden opeens zichtbare realiteit. Wat echter nog het meest opviel in de reportage is het gebrek aan enige reactie bij het publiek. Jongeren roepen, tieren en intimideren, zonder dat iemand ook maar tussenkomt. Als in het stadhuis van Antwerpen katten de lucht worden ingegooid, dan laaien de emoties hoog op en moet Jan Fabre onderduiken om te ontsnappen aan de toorn van de kattenliefhebbers. Als een homokoppel geïntimideerd wordt, dan kijken we besmuikt de andere kant op. Je kunt in dit land dus maar beter een kat zijn, dan homoseksueel.

Het voorbeeld toont duidelijk aan dat onze houding ten opzichte van homoseksualiteit dan misschien wel geëvolueerd is, maar dat we nog lang niet op een niveau van volledige gelijkwaardigheid zitten. De wettelijke discriminaties zijn opgeheven, maar dat wil niet zeggen dat homoseksualiteit een relatievorm is geworden zoals alle andere. Voor een flink stuk zitten we nog steeds in een don’t ask, don’t tell-stadium, waarbij we doen alsof homoseksualiteit niet langer een probleem is, zolang men het maar in de privésfeer houdt. Toppolitici mogen gerust homoseksueel zijn, maar je ziet ze zelden of nooit met hun partner naast zich, zoals dat wel gebeurt bij heteropolitici.

In het Canadese onderwijssysteem probeert men het systematisch te hebben over “de ouders” van het kind, en niet langer over de “moeder en de vader”: er zijn immers ook heel wat kinderen die twee moeders of twee vaders hebben. In ons onderwijssysteem daarentegen zijn er zeer weinig pogingen om dat soort symbolische uitsluiting te vermijden. Het gaat ook verder. Ook tijdens de langdurige regeringscrisis in ons land van 2010-11 vonden sommige Vlaamse toponderhandelaars het nodig grapjes te maken over het feit dat premier Di Rupo er graag verzorgd uitziet. Het jolige ondertoontje van ‘wij echte mannen houden ons daar niet mee bezig’, kreeg je er zomaar gratis bij.

Wat al evenzeer opviel in de reportage: het geweld kwam wel degelijk vanuit één bepaalde hoek. Ook gedegen wetenschappelijk onderzoek toont trouwens keer op keer aan dat religieuze en culturele achtergrond een belangrijke rol spelen bij de totstandkoming van homofobie. De programma-makers vielen echter over hun voeten om onmiddellijk te sussen dat dit zeker niet betekende dat dit louter een probleem was van allochtonen. Daarin hebben ze gelijk natuurlijk, de cijfers zijn echter wel de cijfers. Als je controleert voor alle mogelijke achtergrondvariabelen, dan zie je dat homofobie piekt bij mannen, van jonge leeftijd, sterk gericht op mannelijke vrienden, en met een islamitische achtergrond. Uiteraard zijn zij niet de enigen met een homofobe attitude, maar het zijn wel telkens risicofactoren.

Het vreemde is dat we dat soort onderzoek wel telkens gebruiken voor alle andere mogelijke delicten. De Leuvense politie voert, terecht, een streng beleid tegen overlast en burenlawaai. Maar zelfs na een late avondlijke vergadering worden ikzelf of mijn collega’s nooit gecontroleerd: de politie weet immers perfect dat dit vooral een fenomeen is van jonge feestvierders, en dat ze dus hun tijd niet moeten verdoen met het controleren van wat oudere en saaiere dames en heren.

We werken dus constant in termen van risicofactoren en doelgroepen, alleen voor homofoob geweld mag dat blijkbaar niet en moet een en ander vergoelijkt worden. Een tijd geleden verscheen een artikel van onze onderzoeksgroep, waarin een duidelijk statistisch verband werd aangetoond tussen homofobie en het hebben van een islamitische achtergrond. Die studie kreeg onder meer de kritiek dat ook conservatieve protestanten en orthodoxe joden heel negatieve attitudes hebben ten opzichte van homoseksualiteit. Dat zal heus wel zo zijn, alleen zijn beide groepen niet zo talrijk in België. Ik heb ook nog nooit gehoord van een homokoppel dat in Antwerpen zou zijn belaagd door een stel orthodoxe joden die rondhangen op straat. Maar misschien moeten we inderdaad een empirische test houden. Voor de volgende reportage moeten Sven Pichal en Michiel Vanackere eens gearmd rondlopen in de protestante enclave Korsele in Sint-Maria-Horebeke. De kans lijkt me klein dat ze ook daar voortdurend het slachtoffer van agressie zouden worden: Horebeke is juist een heel vriendelijk dorpje.

Het voorbeeld lijkt misschien wat vergezocht, maar het is wel kenmerkend voor een duidelijke onwil om het probleem onder ogen te zien, en rekening te houden met de cijfers. Van het fameuze actieplan tegen gaybashing dat de federale regering een half jaar geleden beloofde, is nog niets terecht gekomen. Ook daar wordt geweld tegen homo’s en lesbiennes blijkbaar niet beschouwd als een prioriteit. Dat is vreemd, want iedereen heeft het recht om ongestoord van de publieke ruimte gebruik te maken. De straatagressie, die we ook zagen in de film Femme de la rue, vormt een brutale intimidatie waarbij men aan vrouwen of homo’s belemmert zichzelf te zijn – ook op straat. Die fundamentele vrijheid zichzelf te zijn, laten we ons op de meest grove wijze ontnemen, blijkbaar omdat de modale blanke heteroman zelden het slachtoffer wordt van dit soort systematische agressie.

Onze Belgische politici hebben natuurlijk niet het verbale en retorische talent van president Obama, maar toch zou je wensen dat ze zich ook eens laten gaan zoals in zijn overwinningsspeech (vrij vertaald): “Het doet er niet waar je vandaan komt, hoe je er uitziet of van wie je houdt. Het doet er niet toe of je jong of oud bent, arm of rijk, valide of minder valide, homo of hetero. Iedereen moet het hier kunnen maken als je maar wilt proberen.” Of zijn onze geesten nog niet rijp voor een dergelijke inclusieve samenleving?

Share.

About Author

Leave A Reply

*